176
S. Boudin
of
S. Cochon
viert men, bij den maaltijd die gewoonlijk wordt gegeven ter
gelegenheid van het slachten van het vet zwijn.
Een gulzigaard is een ‘dienaar van
S. Goinfrain
’, met een woordspeling op
goinfre
d.i. gulzig.
Een dronkaard vereert
S. Lichard
, dat steunt op den wortel
lécher
(likken, voor
drinken) of van
S
e
Chopinette
(
chope
= bierglas).
Het ontstaan van een beschermheilige als
S
e
Bouteille
lag na de Rabelaisiaansche
vereering der
dive bouteille
niet ver.
Is het kind op het punt om te gaan weenen, zoo is het, volgens het Fransch
spreekwoord, op weg naar
S
e
Larme
. Wij spreken in dit geval van de
Waterlanders
,
en het schijnt mij niet twijfelachtig of wij hebben hier weer een fictieven
geographischen naam; dat echter tot de verspreiding van de spreekwijze het echte
Waterland
in de buurt van Amsterdam - goed bekend door het popperige
Broek
in
Waterland - heeft medegeholpen, acht ik zeer waarschijnlijk.
Kent de volkstaal niet meer een
Sinte Noywerc
, d.i. een beschermpatroon der
ledigheid, toch leeft de
H. Maandag
voort, bij ons even goed als in Frankrijk en
Engeland. De Galicische waterdrager Peregil was, volgens den gemoedelijken
verteller Washington Irving, zeer getrouw in het vieren van het feest der heiligen,
en van
S. Monday
op den hoop toe.
Tot dezelfde familie behoort bij de Walen
S. Fadou
(van
fade
, slap, lui) en de nog
niet gecanoniseerde
Lazybones
der Engelschen.
Verder worden in de volkstaal wel heiligennamen verzonnen om een tijdstip op
een eigenaardige wijze aan te geven. In de pittoreske taal der Fransche schooljeugd
heet b.v. de dag waarop de vacancie begint
S. Fout-le-Camp
.
IV.
De oorsprong zulker vormingen ligt in de analogie met een zeer groot aantal
algemeen gebruikelijke tijdsbepalingen. Iedereen weet dat de gemeene man de
namen der heiligen bezigt tot het noemen van zekere tijdstippen, naar welke hij zich
regelt in zijne bezigheden. Wij, lezende klassen, zouden waarschijnlijk in groote
verlegenheid zijn, als men ons zegde dat deze of gene plant moet gezaaid worden
op zoo of zoo een heiligendag, als de uien op S. Gregorius d.i. 12
en
Maart.
Zoo dacht de volkshumor bij ons heiligen uit als
S. Nimmermeer
, de broeder van
den Duitschen
Sankt Nimmerling
of
Nimmerlein
en van den
S. Jamais
der Franschen.
Deze tijdsbepaling is evenwel niet zoo zeer verspreid als zekere andere, gevormd
uit een woordverband uit welks grappige samenstelling de onmogelijkheid of
onwaarschijnlijkheid van zelfs voortvloeit.
Reeds in het Middelnederlandsch komen spreekwijzen voor, waarin
schertsenderwijs plaats- en tijdsbepaling worden saamgeworpen.
Reinaert, de fielt, spelt Nobel de slim verzonnen fabel op de mouw van
Taal en Letteren. Jaargang 2
Comentários a estes Manuais