Engel IB144 Manual do Utilizador Página 180

  • Descarregar
  • Adicionar aos meus manuais
  • Imprimir
  • Página
    / 440
  • Índice
  • MARCADORES
  • Avaliado. / 5. Com base em avaliações de clientes
Vista de página 179
132
schappij gaan vormen. Er zullen eenmaal geen wilgen en beekjes, geen open plekjes
aan den ingang van wouden genoeg zijn; men zal elkander in den weg zitten, er zal
een strijd komen om het bestaan: er zal proza zijn en tragische poëzie, en het woord
‘arbeid’ zal in de woordenboeken worden aangetroffen.
Het eigenaardigste van dichters, als Van Beers was in zijn eerste tijdperk, is, dat
critiek als deze geen vat op hen heeft. Zij erkennen niet het
noodwendige
van deze
wereld met hoeken en punten. Met het oog der verbeelding
zien
zij een toestand,
die buiten de algemeene voorwaarden van het menschelijk leven staat, waarin alle
beperkingen en alle beletsels verdwenen en opgeheven zijn. De critiek is overbodig,
omdat de Idealist tot de
Geloovigen
behoort en het in het wezen van het
geloof
ligt,
boven de critiek te staan.
Romantisme
is de naam van dit
leven in de kringen der
dichterlijke verbeelding
.
Dit Romantisme is niet maar aan enkele menschen eigen, - sommige van zijn
elementen dragen wij allen misschien met ons om; in de geschiedenis, vooral in de
nieuwere tijden, heeft het zich vaak, onder de jeugd, als een min of meer algemeen
verschijnsel voorgedaan. De menschelijke geest heeft ruimte noodig. Alleen hij is
gelukkig, die zijn mag, wat hij is. Op lateren leeftijd schikken wij ons gewoonlijk in
ons lot. De jeugd tracht zich zijn lot te scheppen. In de vorige eeuw had de geheele
samenleving een gevoel van engheid en gebondenheid; de jeugd het meest. In de
tweede helft der eeuw ontwaakte, eerst in de jonge dichters, vervolgens in een
steeds aanwassend getal van jonge menschen dat phantazie-leven zonder perk of
paal, zonder wet of gewoonte. Smachtend wendden de oogen zich naar de
Natuur
,
waar alles vrij en naar hartelust, zusterlijk en broederlijk groeide en bloeide in
zonneschijn en zomerwarmte; waar, des nachts, de hemel een tempel werd,
plechtiger dan eenige tempel vol menschen in de steden, en de maan van den
hemel de peinzenden troostte; wier barre Alpen-eenzaamheid, vroeger onschoon
en onaanzienlijk geacht, thans een verheven spiegelbeeld van het gemoedsleven
werd. In de maatschappij zag men enkel
onnatuur
en de geheele Natuur was
romantisch
geworden. Zelf wilde men vrij zijn als de boomen en bloemen; men
voelde zich hoog en sterk als de bergen; er was behalve een peillooze melancholie
en een onuitsprekelijke verfoeiing van den gewonen mensch der samenleving, ook
een geweldig krachtsgevoel en een heerlijke geestdrift. Dit alles openbaarde zich
in het leven en vooral in de
letteren
. Het spreekt vanzelf dat de oude heeren en de
gezeten burgers, druk bezig, toen als anders, kapitaal te winnen of kapitaal te
ontginnen, hier weinig deel
Taal en Letteren. Jaargang 2
Vista de página 179
1 2 ... 175 176 177 178 179 180 181 182 183 184 185 ... 439 440

Comentários a estes Manuais

Sem comentários