Engel IB144 Manual do Utilizador Página 104

  • Descarregar
  • Adicionar aos meus manuais
  • Imprimir
  • Página
    / 440
  • Índice
  • MARCADORES
  • Avaliado. / 5. Com base em avaliações de clientes
Vista de página 103
57
oefening de paraphrase opgevat. Doch dit nu daargelaten, overtreffen deze
opgaven de beoordeelde verzamelingen
Examenwerk
op menige bladzijde in gehalte.
Vele vragen gaan zoo recht af op het doel, dat wij het dubbel jammer vinden, dat
het altoos blijft bij een vraag. De bewerking echter der voorafgaande taaloefeningen
(wij twijfelen daaraan niet) zal ook menig antwoord gemakkelijk maken. In zijn eigen
boek heeft de heer Bos eene hoogere klasse geopend. - Wij gaan thans weder op
sommige dingen wijzen, die wel minder juist of minder goed te achten zijn. Omtrent
het grammatische gedeelte moeten wij ons echter tot enkele opmerkingen bepalen:
anders verzeilden wij licht tot een critiek van Schrijvers Spraakkunst. ‘In welke der
tegenover elkaar geplaatste woorden zou de stamklinker de oudste zijn?’ Op deze
vraag, die ons zelf niet bevalt, volgen o.m.
rond-rand
,
bluts-blos
, (?)
loeren-gluren
.
Bij ‘thema’ en ‘thee’ dunkt ons de naam syncope minder gepast (4).
Is
er
grammatische figuur in ‘bedeesd’? (5, vgl. 108). Met welk werkw. staat het bijvnw.
‘mal’ in verband? (13) Wat weet de gebruiker van het boek van een bijvnw.
eenbaar?
(14). De genoemde Spraakkunst geeft hier, meenen wij, geen antwoord, evenmin
als op de vraag naar
ge
in ‘gevaar’ (16). Zal men niet in gevaar komen bij de vraag
naar de vorming van het bezitt. vnw.
mijn
in den klinker
ij
de
ij
van het personale
mij
te zien? Deze opmerkingen zouden wij vermeerderen kunnen. Maar genoeg,
om het te rechtvaardigen als wij zeggen, dat hier de voorzichtigheid, in etymologische
zaken zoo gewenscht, niet altijd betracht is. In 't algemeen zal hij die
Neerlands
Taal
, vooral deel II niet kent, noch de Spraakkunst van Prof. Van Helten, in de
etymologische opgaven nog al eens op moeielijkheden stuiten. Dikwijls evenwel is
de moeielijkheid niet zoo groot als zij zich laat aanzien. Zoo is de afkomst van
‘overmits’ gevraagd: Uit de grammatica blijkt, dat het voldoende zijn zal, indien men
dit voegwoord met ‘met’ in verband brengt. In de oefeningen bij Fragmenten meenen
wij dat de volgende vragen geschrapt of gewijzigd behooren te worden: Met welk
werkw. of
driest
in verband staat (90); de afleiding van ‘sein’ (30); hoe is de
beteekenis van ‘hol’ in
hol gebrom
‘ontstaan
uit de oorspronkelijke beteekenis
,
die
verwant is met de beteekenis van
't werkwoord....’: goed bedoeld, maar
allerzonderlingst uitgedrukt (92); de vraag naar ‘monsteren’: waarom hier niet zelf
het woord opgevat (94); 95:
komt
‘bebloemd’ van een werkw.; de afleiding van den
eigennaam
Walen:
wat zal de studeerende hier veel van zeggen; of
wiens
, in een
fragment van Vondel, slaande op ‘Weeshuis’ wel goed is; wat er aan te merken valt
op het adjectief
verkouden
(97): er staat wel iets bij opgemerkt, maar een gevat
leerling zal misschien toch verklaren, dat hij de zaak niet aandurft; of ‘weleer’ met
‘wijle’ is gevormd (99); afleiding van ‘hanteeren’ (99); hoe de
i
in ‘vermoeien’ te
verklaren (101);
wereld
is vrouwel., toch
des werelds:
hoe dit te verklaren; verband
tusschen ‘vertoog’ en ‘tigen toog’;
ver
in ‘verkeeren’ = omgang hebben en =
veranderen (108); afleiding van ‘verspillen’ en van ‘begluren’ (113); behandel
nauwkeurig ‘zijn eigen-zelf’, datief (114);
Taal en Letteren. Jaargang 2
Vista de página 103
1 2 ... 99 100 101 102 103 104 105 106 107 108 109 ... 439 440

Comentários a estes Manuais

Sem comentários